T T

Rusthuis Sint Michaël Essen

Publicatiedatum 04-07-2017

Roosendaal, zomer 2010

Voor het raam zit een lieve oude vrouw.
Stil in de zon, met spierwit, grijzend haar.
Ik mag haar graag, omdat ik van haar hou.
Elke week ga ik twee keer naar haar toe.
Daar waar ze verzorgd wordt en “woont”.

Met haar zilverwit haar speelt de wind,
En in de rolstoel zit ze, gelijk een kind.
Tevreden, met een lach op haar gezicht,
wandelen we de tuin in, naar het licht.

De Heilige Theresia van Lisieux en St. Michaël,
Ja, de beelden, ze weet het nog steeds, dat wel.
Onder het wandelen vraag ik haar heel stil,
wat ze nu toch eens graag hebben wil.

Alles vindt ze mooi, de planten en bomen.
Maar ook voor mij is het goed om bij te komen!
Naar de werkelijkheid en uit de dagelijkse sleur.
Het draagt immers bij aan een goed humeur.

We komen hem tegen, de oudste man van Europa,
Jan Goossenaerts, nu 110 jaar, Over en Bompa.
Maar zegt ze: “ik ben ook al bijna 100 hoor!”
We wandelen verder, het domein weer door.

Het is goed om te zien dat een mens geniet.
Van al het mooie wat de natuur ons biedt.
“Een natuurmens ben ik”, zoals ze zelf zegt.
Op ‘Den Brembos’ 9 oktober 1914 in de wieg gelegd.


Reacties (0)

Er zijn nog geen reacties
Reageer op dit verhaal
Captcha code
Het DNA van Roosendaal

Het DNA van Roosendaal

Bert Mathijssen mag met recht een Bekende Roosendaler worden genoemd. In september 2013 sprak hij plaatsgenoten toe over wat volgens hem het DNA van Roosendaal is. Bert was zo goed om zijn verhaal met ons te delen via de verhalenbank. Ga er maar eens goed voor zitten en laat u door hem meenemen door de tijd.

> Lees meer
Onkuisheid biechten

Onkuisheid biechten

Met lood in zijn schoenen liep Harry naar de biechtstoel. Hij was er van overtuigd dat hij een doodzonde had begaan. Wat zou de kapelaan hiervan zeggen?

> Lees meer
Mijn wondervolle reis

Mijn wondervolle reis

Tijdens de Nationale Museumweek nam Irma Hopstaken-Oostvogels contact met ons op. Het dagboek van haar vader bevat prachtige verhalen en tekeningen. In dit verhaal beschrijft hij zijn wondervolle reis in september 1953.

> Lees meer