T T

Naar dansschool Ad de Bra in 1956

Publicatiedatum 26-06-2017

Met 16 jaar werd het eens tijd om naar de dansschool van Ad de Bra te gaan om danslessen te volgen. Met vrienden en vriendinnen. En dat vonden mijn ouders ook. Het hoorde bij de opvoeding! Het was het jaar 1956. Op de hoek van de Stationsstraat en de Vughtstraat was de dansschool gevestigd. Ruim van tevoren inschrijven om de lessen te volgen was noodzakelijk, vanwege de vele aanmeldingen. Want Ad de Bra en niet te vergeten zijn echtgenote, stonden goed bekend in het Roosendaalse dansleven. Ad de dansleraar, altijd met vrijgezellenstrikje en glimmende dansschoenen, bracht ons een stukje beleefdheid en etiquette bij. Vooral bij de omgang met de dames was dat hard nodig. Dat hadden de echtelieden De Bra zo in de gaten.

Na een ongecontroleerd en losbandig leven werden we gecorrigeerd. Schoenen met lederen zolen, wit overhemd met stropdas en colbertjas was verplicht. Als 'Heer' moesten we de dames van hun zitplaats halen, een buiging maken en uitnodigen om te dansen met de woorden "Mag ik deze dans?". Na de dans moest de dame gearmd naar haar zitplaats geleid worden. En moesten we haar bedanken! Tja, dat was pas discipline! In wat voor situatie men ook terecht kwam, een dans weigeren dat mocht niet. Dat gold zowel voor heren als dames.
Een keer heb ik het meegemaakt dat een heer een dans weigerde. Dat was toen we tijdens een dans opgesteld stonden en we van danspartner moesten wisselen. De dames bleven dan staan, terwijl de heer een plaats naar links opschoof. Deze heer werd meteen van school gestuurd door Ad de Bra. Overigens waren het velen het met de dansleraar eens.

Onwennigheid, stuntelig en verlegenheid maakte het dikwijls zo, dat de tenen en schenen van de dames behoorlijk geraakt werden. En dat mocht nu net niet van de dansleraar. Bij de les blijven en uitkijken! De foxtrot was de voltreffer. De eerste danspassen werden ons uitgelegd. "Quick, quick, slow, slow, quick, quick, slow", klonk het door de microfoon van de dansleraar. Het was allemaal rechttoe rechtaan, zonder enige sierlijkheid. Naarmate de meeste dit onder de knie hadden, probeerde de dansleraar er meer zwier en charme aan te geven.
Volgens 'kenners' was de foxtrot de meest gemakkelijke en populairste dans. Na de wals uiteraard, want walsen werd gedaan op bruiloften en partijen. Veel ouderen hadden dat geleerd door 'zelfstudie', lang voordat er dans- scholen waren. Walsen kon nagenoeg eigenlijk iedereen!

Het is ook een paar keer voorgekomen dat bij het binnenkomen van de school de vloer te glad bleek te zijn. Hilariteit genoeg natuurlijk wanneer iemand pardoes binnen kwam vallen en glijden. Nou lag het niet enkel aan de vloer hoor, maar meer aan de aankomst van de ongelukkige. In de gevallen van een landing die ik ken, waren het altijd de heren die uitgleden en nooit geen dames! Tja, we waren ervoor gewaarschuwd! De eerste keer dat we de school binnentraden werd de vloer gekeurd op gladheid, weet ik nog goed.

Wanneer de les afgelopen was, wandelden we terug naar de Gastelseweg. De Vughstraat uit, de Bloemenmarkt op en Molenstraat in. Tevens winkels kijken en 'Molenstraat' lopen. In de hal van warenhuis Rademakers van der Put deden we de zojuist verworven danspassen na. De hal was vrij groot en er lag een gladde tegelvloer in. Net wat we moesten hebben: gladheid!
"De wienkel van Putjes in de Meulestraot". Men kon daar van alles kopen. De overburen keken volgens mij hun ogen uit van hetgeen wat ze zagen, wanneer we onze danskennis aan elkaar overbrachten, vermoed ik. In de Kalsdonksestraat kochten we een zak friet "met"! Het was ook daar waar we vertelden wat we deze avond hadden meegemaakt. De frietkraambaas stond stiekem te lachen. Hij wist natuurlijk beter.

We werden groot! En we voelden ons groot! Het grote levensavontuur begon! Na een tijdje de lessen hebben gevolgd, Foxtrot, Engelse wals, Valeta, Tango, enz., zochten we het wat hoger op en werd het dansen in praktijk gebracht bij Vivat Gaudium (lang leve de lol)en het Sint Joseph, Fatimabal (georganiseerd door kapelaan Baars), Ligabal in de kantine van de Ligafabriek, Blokhutbal in de Boulevard Antverpia, Eratozaal en de Katholieke Kring. Bij goed weer in de zomer, werd er gedanst in het Vrouwenhof en was het openluchtbal. In het Rosarium werden stoelen en tafels weggezet. Natuurlijk ontbrak het niet aan een bar. Op zekere tijd, wanneer het wat donkerder werd, ging de lichten aan. Sprookjesachtig en gezellig werd het dan in het Vrouwenhof. Deze balavonden waren zeer geliefd bij mij en mijn leeftijdsgenoten. Het "Rattenbal" was ook in trek, heel populair deze Roosendaalse Swingband. De naam van de band was "Les Rat de Saint Germain". Men moest op voorhand dikwijls entreekaartjes kopen of bij een vereniging ingeschreven staan als lid. Door de ballotagecommissie werd beoordeeld of ge wel of niet toegelaten werd tot een "Besloten Balavond"!

Veel bals werden muzikaal opgeluisterd door dansorkest "De Caldonians" uit Roosendaal. De meeste muzikanten waren gehuwd. Maar ze vermaakten ons op zaterdagavonden toch maar goed en mooi met live dansmuziek. In 1956 bestond het orkest uit tien muzikanten. Daarvan ken ik nog piano Wim Hopstaken, drums Rien Koen, trompet Piet Koen, gitaar Fred Hilberink, tenorsax Anton van de Geijn, trombone Leo van Ineveld en klarinet Johan de Bra (de broer van dansleraar Ad de Bra). Een paar jaar geleden vroeg ik aan een dame, wiens echtgenoot deel uitmaakte van het orkest, hoe zij het vond dat haar man op zaterdagavond niet thuis was en hoe zij tegen dat hele gedoe aankeek. "Nou, ze vond dat helemaal niet leuk. Zij zat thuis met de kinderen, terwijl manlief plezier had. Want heel veel verdienden ze nou ook weer niet met muziek maken", zei ze. "En ze waren laat thuis. Ja, zeg maar vroeg! Want het was dikwijls al licht wanneer ze tegen de ochtend terug waren."
"Ach ja", zei ik "vroeger was alles anders"! Nou dat kwam niet goed over!

Reacties (0)

Er zijn nog geen reacties
Reageer op dit verhaal
Captcha code
* = verplicht
Verstuur reactie