T T

Liefde maakt slachtoffers

Publicatiedatum 26-06-2017

Geflankeerd door twee jongens van het type vage kennis kwam ze de treincoupe binnen. Terwijl de trein zich langzaam in beweging zette en het Haagse NS-station Holland Spoor vervaagde, drapeerde ze haar prachtige zwarte haren over haar Mexicaanse cape. Op haar gave gezicht dat duidelijk Javaanse trekken vertoonde, viel nauwelijks een spoortje levenservaring af te lezen. Maar dat schijn ook in dit geval bedriegt, bleek al snel toen ze aarzelend een gesprekje aanknoopte met de jongen tegenover haar.

Jongen nummer twee, die naast haar zat, leek meer geïnteresseerd in zijn reislectuur. ‘Wat een toestand. Ik hoop dat Sander thuis is. Ik heb echt behoefte om Sander te spreken’, zuchtte ze. ‘Waarom, wat is er dan gebeurd?’, informeerde de jongen met een intonatie waaruit echte belangstelling sprak. ‘Gisterenavond een telefoontje gehad van Ricks vrouw. Je moet morgen komen, zei ze. Ik wil dat Rick eindelijk een definitieve keus tussen ons maakt. Ik schrok me rot, wist me geen raad en greep uit pure wanhoop naar mijn slaappillen. Ik wilde die confrontatie niet en dit leek me toen de enige manier om dit te ontvluchten. Waarschijnlijk heeft de buurman me gevonden, want toen ik wakker werd, waren er allemaal mensen in huis. Ik kom nu net bij hen vandaan. Ik kon er niet langer onderuit. Wat een drama’, sprak ze uiterlijk onbewogen. Op het gezicht van de jongen lag een vraag besloten, maar het meisje liet haar monoloog niet onderbreken. ‘Zijn vrouw dwong hem om in mijn bijzijn te kiezen. Tsjonge, Rick ging volledig door het lint. Zijn vrouw liet zich daar niet door afleiden. ‘Je moet echt kiezen’, drong ze verder aan. Rick wist met de situatie geen raad en is zonder wat te zeggen weggerend. Ik heb geen idee waar hij nu is’. Toen liet ze een korte betekenisvolle stilte vallen. De jongen had genoeg tact om haar niet in de rede te vallen. ‘Ach, die Rick. Hij wist zich al lang met de situatie geen raad. Dan is hij weer een paar dagen bij mij, dan weer een tijdje bij zijn vrouw. Waarom ik het zelf heb gepikt dat hij geen keus kon maken, weet ik eigenlijk niet. Om de een of andere reden blijf ik aan hem vasthouden. Ik hoop dat hij voor mij kiest en vandaag verder geen gekke dingen doet. Daar zit ik echt over in, hij had zichzelf niet onder controle toen hij wegvluchtte. Hoe het ook zij, eind oktober ga ik in ieder geval een week met vakantie. Even vrijgezel zijn, even alles van me af zetten. Zoals ik me nu voel zou ik het liefst voorgoed vertrekken’. De jongen wist dat er nu een reactie van hem werd verwacht. ‘Uit Roosendaal?’, vroeg hij voorzichtig. ‘Nee, weg van alles. Weg uit dit land, weg van dit uitzichtloze bestaan, weg van…’ Ze kon de ongetwijfeld onthullende woorden nog net op tijd inslikken. Haar ogen werden vochtig en rolden ongedurig door de kassen. ‘Daarom wil ik Sander zo graag spreken. Hij weet altijd raad’, herpakte ze zich enigszins.

‘We naderen station Roosendaal. U wordt verzocht uit of over te stappen. Denkt u bij het verlaten van de trein aan uw eigendommen’, galmde het plotseling door de trein. Het drietal stond vrijwel tegelijk op en liep met stille tred naar de uitgang. Jongen nummer twee had tijdens dit kwetsbare gesprekje nauwelijks van zijn reislectuur opgekeken. Terwijl de trein richting Belgische grens verdween, hoopte ik vurig dat ze Sander thuis zou treffen. Ik durfde niet in te schatten wat dit meisje zou gaan doen als ze voor een gesloten deur kwam te staan.


Foto: Ben Steffen/De Stem, collectie West-Brabants Archief.

Reacties (0)

Er zijn nog geen reacties
Reageer op dit verhaal
Captcha code
* = verplicht
Verstuur reactie